Het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (NRGD) zet zich in voor de kwaliteit van forensische expertise ten behoeve van de rechtspraak in Nederland. Daarbij ligt de prioriteit op het objectief vaststellen en toetsen van normen. Tegelijkertijd ziet het NRGD een toenemende rol weggelegd in de verbinding tussen rechtspraak, wetenschap, deskundigen en ketenpartners. Deze platformfunctie is nog geen structurele activiteit maar het NRGD streeft ernaar om dit gefaseerd verder te ontwikkelen.
In het verleden zijn voorbereidende stappen gezet: actualisatie van beoordelingskaders, het organiseren van kwaliteitsbijeenkomsten met de keten, intervisie-workshops, het publiceren van artikelen en deelname aan (inter)nationale congressen. Deze activiteiten vormen de basis om gericht verder te kunnen werken aan de uitbouw van de platformfunctie.
Voor 2026 is het streven om - binnen het budgettair kader - gericht pilots en structurele activiteiten te starten die kennisdeling en samenwerking vergemakkelijken.
Dit jaarplan beschrijft zowel de kerntaken en normeringswerkzaamheden van het NRGD als de concrete vervolgstappen om de gewenste platformfunctie stapsgewijs vorm te geven.
1. Waar staan wij voor?
Het NRGD is de forensische kwaliteitsorganisatie voor de rechtspraak in Nederland. Het NRGD bevordert en waarborgt de kwaliteit van forensische expertise voor de rechtspraak in Nederland. Het NRGD stelt objectieve en transparante normen en toetst deskundigen hieraan. Daardoor kunnen belanghebbenden vertrouwen hebben in de kwaliteit van forensisch deskundigenonderzoek. Ook streeft het NRGD naar een actieve (platform)rol die samenwerking en kennisuitwisseling in binnen- en buitenland in het forensische veld bevordert. Met het netwerk van het NRGD is er de mogelijkheid om dit te faciliteren, te organiseren of anderen te enthousiasmeren om hierin stappen te zetten. Door te verbinden kan het NRGD het veranderende forensische veld verder brengen.
In 2025 zijn oriënterende activiteiten uitgevoerd; in 2026 wordt gewerkt aan concrete pilots en procesinrichting om deze visie verder te operationaliseren.
2. Het NRGD in 2026
Het NRGD staat voor de borging én bevordering van de kwaliteit van forensische expertise. In 2025 lag de nadruk op erkenning en verdere uitbreiding van deskundigheidsgebieden. Voor 2026 ligt de focus op drie samenhangende lijnen:
- Versterking van kwaliteitsontwikkeling binnen de bestaande deskundigheidsgebieden, met de nadruk op uniformiteit en doorlopende professionalisering;
- Implementatie van nieuwe gebieden (bloedspoorpatroonanalyse (BPA) en forensische radiologie);
- Gefaseerde ontwikkeling van de platformfunctie: het creëren van ruimte voor kennisuitwisseling, intervisie en verbinding tussen rechtspraak, wetenschap, deskundigen en ketenpartners.
Forensische Psychiatrie, Psychologie en Orthopedagogiek (FPPO)
De kwaliteitseisen zijn up-to-date en sluiten aan bij de consensus in het werkveld. Het NRGD heeft in 2025 voor FPPO gewerkt aan de doorontwikkeling van de wijze van toetsen, met als doel het verder vergroten van de uniformiteit en inzichtelijkheid van de toetsing en het bevorderen van de efficiency. Dit heeft geresulteerd in een hernieuwde versie van het adviesbeoordelingsformulier voor FPPO dat de toetsers gebruiken bij de toetsingen. In 2026 zal het hernieuwde formulier worden geëvalueerd. Het Beoordelingskader zal vervolgens worden geactualiseerd. Ook zal hierna bekeken worden of deze werkwijze kan worden doorgevoerd bij andere deskundigheidsgebieden.
Het NRGD zet daarnaast in op het verder bevorderen van de kwaliteit van de deskundigen binnen FPPO door hierover in gesprek te blijven met de relevante ketenpartners. In dat kader zal samen met het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg onder andere een werkbezoek aan het Pieter Baan Centrum worden georganiseerd.
DNA
Het NRGD heeft in 2025 een Intervisie workshop georganiseerd voor DNA Activity Level op het driejaarlijks Europees Forensisch congres (EAFS) waarbij deskundigen konden leren van elkaars werk en ook concrete feedback kregen op hun eigen werk. Tijdens deze workshop is ook veel informatie opgehaald voor de doorontwikkeling van het beoordelingskader van DNA Activity level. Het NRGD zal in 2026 een intervisiebijeenkomst organiseren met de toetsers van dit gebied om deze nieuwe inzichten en informatie te bespreken. Dit kan eventueel leiden tot aanpassingen van de het beoordelingskader. Het NRGD overweegt of een herhaling van deze workshop mogelijk is bij het International Society for Forensic Genetics in 2026.
Forensisch Medisch Onderzoek (FMO)
In 2025 is door het departement besloten dat de aanbesteding van de Medische Arrestanten Zorg (MAZ) naar een huisartsenpartij gaat. Ook al heeft dit niet direct gevolgen voor het NRGD, MAZ is immers geen onderdeel van de NRGD-registratie, het heeft wel degelijk gevolgen voor de forensisch artsen die dit vak tot nog toe uitoefenen. Hierdoor moet mogelijk de bestaande opleiding tot forensisch arts aangepast worden, omdat deze nog zowel arrestantenzorg als forensisch medisch onderzoek in het kader van het strafrecht omvat. Gelet op deze omstandigheden zal het NRGD de veranderingen in het veld nauw in de gaten blijven houden.
Handschriftonderzoek
Handschriftonderzoek kan van belang zijn in grote strafrechtelijke zaken, zeker nu digitale communicatie steeds beter en sneller kan worden onderschept en relatief veel sporen achterlaat. Ook in het civiele recht is handschriftonderzoek regelmatig noodzakelijk. In het buitenland zien we dat er daarom wordt geïnvesteerd in handschriftonderzoek. In Nederland zijn zo goed als geen Nederlandse deskundigen binnen dit gebied meer omdat de geregistreerde Nederlandse deskundigen gepensioneerd zijn. Hierdoor zijn procespartijen veelal genoodzaakt om buitenlandse deskundigen in te schakelen als ze onderzoek willen laten verrichten. Dit maakt het vooral voor de verdediging lastiger. Ook blijft het onderdeel zijn van de Nederlandse schrijfcultuur een pre om enige beschikbaarheid van ‘Nederlands geschoolde’ deskundigen te behouden. Ook in 2026 wil het NRGD met ketenpartners bespreken of en zo ja op welke wijze voldoende Nederlandse handschriftdeskundigen kunnen worden behouden.
Forensisch wapen- en munitieonderzoek en Schotrestenonderzoek
Forensisch wapen- en munitieonderzoek en Schotrestenonderzoek zijn nauw met elkaar verbonden, maar staan ook los van elkaar qua achtergrondkennis. Vooral binnen het forensisch wapen- en munitieonderzoek is uitbreiding van het aantal geregistreerde deskundigen gewenst. In 2026 zal verder gewerkt worden aan het opbouwen van een (inter)nationaal netwerk van (geregistreerde) deskundigen. Om ook in de toekomst de mogelijkheden voor contra-expertise te waarborgen, zal worden onderzocht in hoeverre de beoordelingskaders van de twee gebieden aansluiten bij de internationale praktijk en wat er eventueel voor nodig is om die aansluiting te verbeteren.
Toetsing Wet Wapens & Munitie
Dit deskundigheidsgebied is qua omvang een klein gebied. Dit komt voornamelijk door de directe relatie met de specifieke Nederlandse wetgeving. De meeste onderzoekers werken bij politie. Deze politiemedewerkers hoeven zich vooralsnog conform wet- en regelgeving niet te laten registreren. De vraag vanuit de advocatuur is beperkt. Een deskundige moet over een uitgebreide wapen-technische kennis beschikken, maar daarnaast ook juridisch onderlegd zijn om te begrijpen wat het betekent om binnen een forensische context te rapporteren. De opkomst van 3D-geprinte wapens zorgt mogelijk voor een toenemende vraag naar kennis van de Wet Wapens & Munitie. Er bestaat een risico dat dit gebied op termijn moet worden opgeheven, omdat er geen deskundigen - niet werkzaam bij de politie - meer actief zijn. Hiermee zou contra rapportage met NRGD getoetste deskundigen niet meer mogelijk zijn.
Rechtspsychologie
In 2025 zal het Beoordelingskader op een aantal punten worden aangescherpt c.q. verhelderd waardoor het voor deskundigen en toetsers nog duidelijker is aan welke kwaliteitseisen moet worden voldaan. Met deze revisie wordt beoogd de kwaliteit van de deskundigen binnen dit gebied nog beter te waarborgen. In 2026 zal een intervisie-bijeenkomst worden georganiseerd om de implementatie van het nieuwe beoordelingskader te evalueren en de meest recente ontwikkelingen in het veld te bespreken. Ook zal het NRGD nagaan of zij vanuit de platformrol faciliterende kan zijn waar het de samenwerking binnen het onderzoeksveld en de rechtsgang betreft.
Forensisch Financieel Onderzoek (FFO)
In 2026 wordt gewerkt aan de verdere bekendheid van dit deskundigheidsgebied om te bereiken dat er voldoende aanmeldingen voor een registratie blijven komen. Daarbij wordt aan verschillende mogelijkheden gedacht. Onder andere presentaties bij de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), bezoeken aan congressen, het geven van interviews en het schrijven van publicaties en het aandacht vragen bij rechtbanken en hoven.
In 2026 wordt een intervisiebijeenkomst georganiseerd om te reflecteren op de toetsingen, de feedback van het College op ABF’s en de opbrengst van de vorige intervisie.
Forensische Pathologie
Het toetsersbestand vergrijst en vraagt om vernieuwing Tegelijkertijd zal geprobeerd worden het aantal contra deskundigen in het register te vergroten. Met de ontwikkeling van het vakgebied forensische radiologie neemt ook de discussie over samenwerking rond de lijkvinding toe. Bij het bepalen van noodzakelijk onderzoek spelen de forensisch arts, radioloog, toxicoloog en patholoog in samenwerking met politie en OM een gezamenlijke rol. Multidisciplinaire samenwerking is van belang om de bevindingen optimaal te interpreteren in het licht van natuurlijk en niet-natuurlijk overlijden. Het NRGD zal hier met betrokkenen over in gesprek blijven.
Digitaal Forensisch Onderzoek (DFO)
In 2026 zal het NRGD naar verwachting gaan werken met een nieuw beoordelingskader, op basis van de driedeling Recovery – Analysis – Interpretation in lijn met ISO 21043 en ISO 27037.
Met de nieuwe indeling van het beoordelingskader wordt een mogelijke oplossing gevonden voor de volgende problemen: (1) voor magistraten en opdrachtgevers was niet duidelijk welk deelgebied aansloot bij hun forensische vraagstelling; (2) in twee deelgebieden was slechts telkens één deskundige geregistreerd; (3) de vorige indeling in deelgebieden sloot niet goed aan bij de werkwijze en praktijkstructuur van het vakgebied.
De huidige NRGD-toetsing vindt vooral plaats op basis van zaaksrapporten. Doordat de politie meer onderzoek van het NFI heeft overgenomen, neemt het aantal rapportages van geregistreerde deskundigen af. Deze ontwikkeling wordt al geruime tijd gesignaleerd door partners in de strafrechtketen. Bij het uitblijven van rapportages kunnen deskundigen gezien de huidige eisen in het beoordelingskader geen aanvraag tot registratie doen. Daarom wordt samen met CITO onderzocht of competenties eventueel op een even adequate maar alternatieve wijze getoetst kunnen worden door middel van een portfolio.
Bloedspoorpatroonanalyse (BPA)
In 2026 zal het NRGD de eerste aanvragen voor BPA toetsen. De toetsingen zullen geëvalueerd worden en waar nodig zal het beoordelingskader aangepast worden.
Forensische Radiologie
De normstellingsadviescommissie heeft in 2025 met het Bureau van het NRGD een conceptversie van het Beoordelingskader ter consultatie voorgelegd aan het publiek. In 2026 zal de normering worden afgerond en zal dit nieuwe gebied na een pilot-toetsing en de evaluatie daarvan worden opengesteld voor registratie. De verwachting is dat in 2026 circa 10-15 aanvragers een verzoek tot registratie zullen doen.
Bestuurs- en civiel recht
Forensische kennis wordt gebruikt in alle rechtsgebieden: strafrecht, civiel en bestuursrecht. Tot op heden worden bij het NRGD alleen deskundigen geregistreerd die werkzaam zijn in het strafrecht. De rechtspraak heeft al lange tijd de uitdrukkelijke wens geuit aan de minister om ook voor bestuursrecht en civiel recht eenzelfde borging van de kwaliteit van deskundigen te creëren als nu in het strafrecht geldt. Hoewel deze uitbreiding van het register wordt onderschreven door het bestuursdepartement, is in 2025 door het ministerie aangegeven dat andere wetgevingsprioriteiten voorrang krijgen. In 2026 zal het NRGD het belang blijven benadrukken van uitbreiding van het register naar het bestuursrecht en civiel recht.
Mediation
De staatssecretaris van het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft het NRGD gevraagd of zij bereid is om mediators op te nemen in haar register. Dit gelet op de ervaring die het NRGD heeft bij het opstellen en borgen van kwaliteitsnormen. Mediators worden ingezet binnen alle rechtsgebieden. Het NRGD heeft naar aanleiding van dit verzoek een business-plan opgesteld en is in afwachting van nadere stappen.
Het NRGD heeft, naast de individuele toetsing door het NRGD, een certificeringswijze ontwikkelt die ziet op erkenning van instituutsbrede opleidingen en de (her) examinering van individuele deskundigen. Erkenning van de opleiding door het NRGD levert voor zowel het desbetreffende instituut als het NRGD voordelen op. Het streven is om de dubbele toetsing, zowel het examen bij het instituut als de toetsing bij het NRGD, met deze erkenning terug te brengen tot één toetsmoment. Vooralsnog zullen niet alle NRGD-toetsingen vervallen. Het NRGD zal de tweejaarstoets volgend op de initiële registratie blijven doen. Een onafhankelijke visitatiecommissie beoordeelt de opleiding en examinering aan de hand van competentiestandaarden. De opleiding van en examinering door het NIFP zijn alle enige jaren erkend door het NRGD. In 2025 heeft het NRGD een onafhankelijke visitatiecommissie gevraagd de opleiding en (her)examinering van het NFI te beoordelen en heeft inmiddels het merendeel van de gebieden erkend. In 2026 zullen conform de NRGD-procedure de NIFP-erkenning en de erkende NFI- deskundigheidsgebieden van het NFI opnieuw gevisiteerd worden.
In 2026 zal ook gekeken worden of het recent genormeerde deskundigheidsgebied Bloedspoorpatroonanalyse kan worden toegevoegd aan de erkenning. Mogelijk kunnen, wanneer het budgettair mogelijk is, nog niet geopende NFI-gebieden in de toekomst door het NRGD worden toegevoegd. Denk daarbij aan glasonderzoek en explosievenonderzoek.
Het merendeel van de deskundigen werkt bij het NFI en TMFI-Eurofins. Zij werken in principe in opdracht van het OM. Een breder aanbod is van belang volgens de minister zodat de rechter of de advocatuur kan putten uit diversere deskundigen. Het NRGD tracht dit te bereiken door buitenlandse deskundigen tot registratie te bewegen en vraagt regelmatig aandacht voor het feit dat de mogelijkheden voor contra onderzoek beperkt zijn althans waar het de advocatuur betreft.
3. Overige activiteiten
Project versterken weerbaarheid deskundigen
Gerechtelijk deskundigen krijgen steeds vaker te maken met onheuse bejegening, intimidatie en bedreiging. Het departement heeft subsidie beschikbaar gesteld voor het versterken van de weerbaarheid van gerechtelijk deskundigen en het vergroten van het bewustzijn voor dergelijk gedrag. Het NRGD werkt hiervoor samen met andere organisaties, zoals het LRGD, de STAB, het NIVRE, het NFI en het NIFP. In 2025 heeft de projectgroep een enquête uitgezet onder gerechtelijk deskundigen om te inventariseren waar zij in termen van weerbaarheid tegenaan lopen bij het uitbrengen van een rapportage en wat zij nodig hebben om hun vak naar behoren te kunnen blijven uitoefenen. Op basis van die resultaten zal de projectgroep in 2026 een plan van aanpak ontwikkelen.
Ad Hoc (Europa)
In 2020 heeft het NRGD een vijftal instrumenten op zijn website gepubliceerd waarmee de kwaliteit van rapportages van deskundigen die zelden of nooit in het strafrecht rapporteren verbeterd kan worden. Een belangrijk instrument hierbij is de zogenaamde rapportfeedback waarbij een ervaren NRGD-toetser meeleest met een deskundige op een ander vakgebied en het rapport controleert op onder andere consistentie en begrijpelijkheid. Sinds september 2020 zijn er tot op heden 29 aanvragen voor rapportfeedback binnen gekomen.
Het NRGD zal in 2026 de rapportfeedback blijven faciliteren omdat in Nederland nog steeds veel niet forensische buitenlandse specialisten gevraagd wordt om in de rechtspraak te rapporteren. Daarnaast wil het NRGD deze zogenaamde ad hoc instrumenten uitbreiden naar andere landen, zodat de benodigde deskundigheid ook buiten onze landsgrenzen gevonden kan worden.
Herziening deskundigenrichtlijn in het Wetboek van Strafvordering
Sinds een aantal jaren werkt het ministerie van Justitie en Veiligheid aan de modernisering van het Wetboek van Strafvordering (hierna Sv) waarbij ook de huidige deskundigenregeling tegen het licht wordt gehouden. In 2022 zag een eerste versie het licht. Inmiddels ligt een nieuw concept voor. Het NRGD blijft de ontwikkelingen in 2026 met belangstelling volgen.
Forensische ISO-normen
Na een lang traject zijn in 2025 voor het eerst specifiek de forensische ISO-normen 21043 gepubliceerd. Er zijn normen vastgesteld voor de plaats delict, de analyse, de interpretatie en de rapportage. Deze normen zijn alleen verplicht als de nationale wet het vereist. Het NRGD blijft in 2026 aandacht vragen voor het belang van deze normen en zal volgen of en hoe de ketenpartners deze normen implementeren.
4. Kennisuitwisseling/ Platform
Het NRGD ziet een aantal ontwikkelingen die van invloed zijn op het forensische domein:
- Toename van complexiteit en wetenschappelijke diepgang:
- natuurwetenschappelijk en digitaal bewijs spelen steeds meer een rol in strafzaken;
- Nieuwe vraagstukken, zoals activity level in plaats van source level en de twijfel aan de betrouwbaarheid van beeldmateriaal, denk aan deep fakes, maken forensische bewijswaardering technischer en lastiger. - Toegenomen behoefte aan interdisciplinaire samenwerking. Denk aan forensisch artsen, toxicologen, radiologen, pathologen en OM rond de lijkvinding
- Groei in digitalisering en virtualisering van criminaliteit:
- Digitale sporen en digitale fraude vervangen traditionele vormen van bewijs en misdaad. Denk aan spoofing, bankfraude, AI-gegenereerde beelden en hacking;
- Misdaad vindt vaker plaats via software, netwerken en data in plaats van fysiek gedrag.
Deze ontwikkelingen vragen in het belang van een betrouwbare rechtspraak om een actieve kennisuitwisseling tussen betrokken ketenpartners en maatschappij. Het NRGD kan hierbij een belangrijke rol vervullen.
- Gerichte intervisie- en kennissessies per thema of deskundigheidsgebied. (Het streven is minimaal twee pilots in 2026).
- Het actief verbinden van deskundigen en ketenpartners op nationaal en internationaal niveau o.a. rond A.I.
- Toegankelijkheid van kennis: verzamelen en delen van good practices en lessons learned o.a. via Linkedin, nieuwsbrief, congressen, symposia en website.
Het NRGD wil in 2026 de volgende initiatieven ontwikkelen:
Deze activiteiten vanuit de platformfunctie moeten worden geborgd in taken en procedures en moeten passen binnen het huidige personele en budgettaire kader.
5. Bedrijfsvoering
In het kader van bedrijfsvoering is het van belang om vast te stellen dat het NRGD een beperkte omvang heeft (12 fte plus 0,8 externe). Daarom werkt het NRGD voor het financieel beheer samen met andere onafhankelijke organisaties. Ook IT is gezien de risico’s voor een kleine organisatie niet adequaat zelfstandig in te richten en te beheren. Voor IT wordt gebruik gemaakt van gemeenschappelijk IT-diensten (SSC-ICT). Het NRGD betreft haar zaaksysteem van een commerciële partij die ook aan andere grote overheidsinstellingen IT-diensten levert.
Het NRGD voldoet aan de Wet Normering Topinkomens.
Het NRGD verwacht vooralsnog geen wijzigingen in de huisvestingsbehoefte. De locatie is up-to-date, centraal gelegen, goed bereikbaar met het OV en past bij de onafhankelijke positie. De onafhankelijk positie en de toetsingen die in persoon plaatsvinden op het NRGD kantoor vereisen een passende locatie en maakt een inhuizing bij uitvoeringsorganisaties onwenselijk zoals ook door het ministerie van Jen V en BZK wordt erkend.
In 2026 worden in totaal ongeveer 230 aanvragen om (her)registratie verwacht. Het betreft 140 heraanvagen, 25 initiële aanvragen van niet erkende instituten of individuele deskundigen zoals radiologen en een 65-tal deskundigen via de versnelde erkenningsprocedure.
In het kader van de informatiehuishouding heeft het NRGD te maken met wettelijke verplichtingen op grond van onder andere de Archiefwet, de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), de Wet open overheid (Woo), de Wet digitale overheid (Wdo), de Wet digitale toegankelijkheid en de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Het NRGD heeft in 2024 een volwassenheidsmeting gedaan en scoort op een schaal van 1-4 vooralsnog een 2. Het streven is om volwassenheidsniveau 3 te halen. Eind 2025 is daar een begin mee gemaakt en in 2026 zal dit verder worden vormgegeven.
Voor wat betreft de archiefwet zal het NRGD in 2026 een begin maken met de inrichting van documentenopslag die bestemd zijn voor het Nationaal Archief. Het gaat dan onder meer om de documenten die ten grondslag liggen aan de bestuurlijke besluitvorming over beleid en de inrichting van de organisatie.
In 2026 wordt het Mijn NRGD-portaal in gebruik genomen. Een aanvrager kan dan zelfstandig zijn eigen gegevens inzien, deze beperkt aanpassen en documenten zoals een VOG uploaden. Verder wordt het NRGD gekoppeld aan de basisregistratie persoonsgegevens (BRP) zodat het register te allen tijde up te date is.
Het ministerie van Justitie en Veiligheid ontwikkelt momenteel een eigen vertaaltool. Deze biedt naar verwachting een beter beveiligde omgeving, meer snelheid en is waarschijnlijk kosten effectiever. De eerste testervaringen zijn positief.
Het NRGD neemt de digitale werkplekken af via SSC-ICT binnen een afgeschermd justitie-netwerk. Applicaties zoals voor zaakbeheer zijn enkel via het beveiligde justitie-netwerk benaderbaar (IP-restricted toegang) en het dataverkeer wordt 24/7 gemonitord door het SOC van SSC-ICT. Toegang tot applicaties vindt plaats volgens het vastgestelde autorisatiebeleid.
In 2025 is gestart met een deelproject waarbij de vraag centraal staat of de NRGD data-integriteit voldoet aan de voorschriften van NIS2/BIO. Hierdoor krijgt het NRGD meer inzicht over de mogelijke verbeterpunten die in 2026 zullen worden geïmplementeerd.
6. Begroting 2026
Kostenplaatsen * €1000
|
2025
|
2026
|
| Kostenplaats Bureau | ||
| Personeel | 1087 | 1317 |
| Overige kantoorkosten | 708 | 658 |
| Kostenplaats commissies | ||
| Commissies | 390 | 287 |
| Vertalen | 75 | 30 |
| Kostenplaats projecten/ symposia | ||
| ISO/NEN/Projecten | 10 | 10 |
| Congressen/symposia | 15 | 10 |
| Doorontwikkeling NRGD | 35 | |
|
Totaal | 2285 | 2337 |
Toelichting
- Personeelskosten zijn hoger door vervanging wegens langdurige ziekte. Tevens is conform overheidsbeleid een ZZP-er in vaste dienst gekomen. Ten slotte is er sprake van loonbijstelling.
- Overige Kantoorkosten zijn lager begroot wegens gerealiseerde besparingen op onder andere externe inhuur.
- Kosten vertalen: het betreft een stelpost. Onduidelijk is nog wat vertaalproject operationeel vereist (servers, onderhoud, software) en welke kosten dat met zich meebrengt.
- Bij deze begroting past de disclaimer dat een opdracht in het kader van mediation kan leiden tot een andere begroting. In welke mate zal afhankelijk zijn hoe de opdracht vormgegeven zal worden.
7. Risicoanalyse
In 2019 is het NRGD in lijn met het afgesproken groeimodel additioneel budget toegekend. Verdere groei werd verwacht omdat het register nog niet af was. Voor 2026 is een claim voor 1 fte niet gehonoreerd. Er is de komende jaren sprake van - vooralsnog – een beperkte taakstelling (-9000 euro oplopend naar -28.000 euro budget in 2028). Door deze ontwikkelingen komt de bijdrage van het NRGD op de volgende gebieden mogelijk onder druk te staan en moeten er keuzes gemaakt worden zoals een stop op verdere uitbreiding van het register, minder advisering en vertraging in de bedrijfsvoering.
Wel wil het NRGD inzetten op de genoemde platformfunctie. Dit verbindende platform tussen rechtspraak, wetenschap, deskundigen en ketenpartners moet een vliegwiel zijn om de kwaliteit in het forensisch veld continue te verbeteren.
Nieuwe deskundigheidsgebieden
Tussen 2019 en 2026 zijn 5 deskundigheidsgebieden geregistreerd. Bij gelijkblijvend budget komt verdere uitbreiding met nieuwe gebieden en behoud van kwaliteit van bestaande gebieden onder druk te staan.
Implementatie wetgeving en informatiehuishouding
Naast het uitbreiden en onderhouden van het register nemen departementale verplichtingen toe. Zo moeten Rijksorganisaties eind 2026 voor wat betreft de informatiehuishouding aan uitgebreidere eisen voldoen. Ook -en terecht- vraagt cybersecurity om toenemende inspanningen zoals Nis2/BIO. Implementatie van deze wet- en regelgeving dient eveneens binnen de bestaande formatie en het huidige budget te worden opgevangen.
Besparingen
Het NRGD neemt hierin haar verantwoordelijkheid. Ook in 2026 wordt gekeken naar efficiëntieslagen. Een voorbeeld hiervan is de vertaal-software van JenV om rapportages ‘in huis’ te vertalen in plaats van door het huidige externe vertaalbureau.
Het erkenningsbeleid levert als neveneffect een besparing op. Door de opleiding van het NIFP te erkennen, zijn dubbele toetsingen binnen het deskundigheidsgebied FPPO komen te vervallen. Omdat inmiddels ook meerdere deskundigheidsgebieden bij het NFI onder het erkenningsbeleid vallen, wordt ook hier een daling in het aantal toetsingen verwacht en dalen hierdoor ook de vertaalkosten.