Organisaties uit de Nederlandse strafrechtketen hebben tijdens een eerste gezamenlijke bijeenkomst uitgebreid gesproken over de impact van kunstmatige intelligentie (AI) op opsporing, rechtspraak en forensisch onderzoek. De bijeenkomst, georganiseerd door het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (NRGD), bracht vertegenwoordigers samen van onder meer rechtspraak, politie, Openbaar Ministerie, forensische instellingen en kennisorganisaties.

Centraal stond de vraag hoe AI op een verantwoorde, transparante en juridisch houdbare manier kan worden ingezet binnen de strafrechtketen. Daarbij werd duidelijk dat vrijwel alle organisaties al experimenteren met AI-toepassingen, maar tegelijkertijd worstelen met dezelfde vraagstukken rondom betrouwbaarheid, uitlegbaarheid, toezicht en regelgeving.

Controleerbaarheid van AI-gegenereerd bewijs

Tijdens de bijeenkomst werd benadrukt dat AI inmiddels op uiteenlopende manieren wordt gebruikt: van tekstverwerking en data-analyse tot objectherkenning, gezichtsherkenning en ondersteuning bij digitale opsporing. Tegelijkertijd bestaan er zorgen over de controleerbaarheid van AI-gegenereerd bewijs en de mate waarin rechters, advocaten en andere procesdeelnemers inzicht moeten krijgen in de werking van gebruikte systemen.

Ook de aankomende Europese AI-verordening speelde een belangrijke rol in de discussies. Deelnemers vrezen dat onduidelijke interpretaties van de regelgeving kunnen leiden tot zware compliance verplichtingen of zelfs het stilleggen van bestaande toepassingen. Volgens de aanwezigen is daarom meer afstemming binnen de keten noodzakelijk, zodat praktijkervaringen kunnen worden meegenomen in toekomstige normering.

Belang van AI-geletterdheid

Een terugkerend thema was het belang van AI-geletterdheid. Vrijwel alle organisaties investeren inmiddels in trainingen, e-learnings en bewustwordingscampagnes. Daarbij werd benadrukt dat niet alleen specialisten, maar ook bestuurders, juristen en operationele medewerkers voldoende kennis moeten ontwikkelen om AI-toepassingen en de bijbehorende risico’s te kunnen beoordelen.

De bijeenkomst had nadrukkelijk een verkennend karakter, maar mondde uit in brede steun voor een structureel vervolg. Deelnemers willen gezamenlijk werken aan kennisdocumenten, gedeelde terminologie en concrete praktijkcasussen om richting te geven aan verantwoord AI-gebruik binnen de strafrechtketen.

Belangrijkste highlights

  • Strafrechtketenorganisaties willen structureel samenwerken rond AI-vraagstukken. 
  • Grote zorgen bestaan over transparantie en controleerbaarheid van AI-gegenereerd bewijs. 
  • AI wordt al breed toegepast binnen opsporing, rechtspraak en forensisch onderzoek. 
  • De Europese AI-verordening zorgt voor onzekerheid over toekomstige regelgeving. 
  • AI-geletterdheid en bewustwording worden gezien als cruciale randvoorwaarden. 
  • Deelnemers pleiten voor gezamenlijke normering, gedeelde terminologie en praktijkgerichte casussen.