Achtergrond

Deze hoofdrubriek bevat 4 rubrieken:

De Wet deskundige in strafzaken stelt eisen aan de kwaliteit, betrouwbaarheid en bekwaamheid van deskundigen. Deze wet is op 1 januari 2010 in werking getreden.

Historie

Met de inwerkingtreding van deze wet is ook het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (NRGD) opgericht. Het eerste deskundigenregister met een wettelijke basis, onafhankelijke positie en structurele financiering. Aan het hoofd van het NRGD staat het onafhankelijke College gerechtelijk deskundigen (College). Het ministerie van Veiligheid en Justitie is verantwoordelijk geweest voor de totstandkoming van het NRGD. Hieraan hebben diverse organisaties bijgedragen, zoals het Openbaar Ministerie, de Raad voor de rechtspraak, de Nederlandse Orde van Advocaten, de Politie, het Nederlands Forensisch Instituut en het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie. Het Besluit register deskundige in strafzaken bepaalt op hoofdniveau hoe het NRGD wordt beheerd. Naast het instellen van een register versterkt de Wet deskundige in strafzaken ook de positie van de verdediging. Zo geeft de wet verdachten het recht om te vragen om een aanvullend onderzoek of tegenonderzoek.

Kiezen voor registratie

Registratie in het register is niet verplicht. Maar er zijn goede redenen om wel voor registratie te kiezen. Als geregistreerd deskundige is uw deskundigheid objectief erkend. U bent op een zorgvuldige wijze door een deskundige en objectieve commissie getoetst. Dit is een openlijke en wettelijke erkenning van uw vakbekwaamheid als gerechtelijk deskundige. Daarnaast vergroot u als geregistreerd deskundige uw inzetbaarheid. De Wet deskundige in strafzaken bepaalt namelijk dat deskundigen aan een zekere kwaliteit moeten voldoen. Het register is een middel om deze kwaliteit te waarborgen. Als uw potentiƫle opdrachtgevers buiten het register om een deskundige willen benoemen, hebben zij een wettelijke plicht te motiveren op grond waarvan een niet-geregistreerde persoon als deskundige kan worden aangemerkt. Dit kost alle partijen veel tijd en moeite. Dit voorkomt u door u als deskundige in het register in te schrijven. Tot slot vergroot het register uw vindbaarheid. U bent aan de hand van uw naam of vakgebied snel en gemakkelijk te vinden voor rechters, officieren van justitie en advocaten die van uw diensten gebruik willen maken.

Steeds meer deskundigheidsgebieden

Ziet u uw deskundigheidsgebied er niet tussen staan? Dan is inschrijving wellicht op termijn mogelijk. Het NRGD zal u via de website en via de Nieuwsbrief NRGD informeren over de openstelling van het register voor andere deskundigheidsgebieden. Het gaat dan wel alleen om welomlijnde deskundigheidsgebieden. Een welomlijnd deskundigheidsgebied is een vakgebied waarvan aannemelijk is dat hierover zinvolle, objectieve en betrouwbare informatie kan worden verschaft. Het deskundigheidsgebied moet naar het oordeel van het College zodanig zijn ontwikkeld dat de bevindingen binnen dit gebied aan de hand van gedeelde normen kunnen worden getoetst en verantwoord. Het register zal worden gevuld aan de hand van een groeimodel. Steeds meer deskundigen zullen worden opgenomen in het register; eerst alleen uit het strafrecht en later ook uit het civiele recht en het bestuursrecht. Reden voor dit groeimodel is dat het register pas vanaf 1 januari 2010 officieel bestaat en de toetsing en toelating van deskundigen een zorgvuldige en tijdrovende taak is.

Beoordelingskader

Alle deskundigen in het register worden getoetst aan de hand van objectieve criteria voor kwaliteit, betrouwbaarheid en bekwaamheid. In het Besluit register deskundige in strafzaken heeft de wetgever algemene kwaliteitseisen geformuleerd, omdat zij toepasbaar moeten zijn op alle deskundigen. De kwaliteitseisen waaraan u als deskundige wordt getoetst, zijn onder meer:

  • U beschikt over voldoende kennis en ervaring binnen uw deskundigheidsgebied;
  • U kunt de opdrachtgever duidelijk maken of de vraagstelling voldoende helder is om deze vanuit uw deskundigheidsgebied te beantwoorden;
  • U bent in staat om een goed en gedegen onderzoeksplan op te stellen en uit te voeren;
  • U bent in staat om de geldende onderzoeksmethoden in een forensische context toe te passen;
  • U bent in staat om zowel schriftelijk als mondeling controleerbaar en in begrijpelijke bewoordingen over de opdracht te rapporteren;
  • U bent in staat de opdracht af te ronden binnen de daarvoor gestelde termijn;
  • U bent in staat om werkzaamheden als deskundige onafhankelijk, onpartijdig, zorgvuldig, vakbekwaam en integer te verrichten.

De specifieke kwaliteitseisen waaraan deskundigen worden getoetst zijn per deskundigheidsgebied door het College vastgesteld en opgenomen in het document 'Beoordelingskader' (zie actuele Beoordelingskaders). In dit document zijn de algemene kwaliteitseisen nader uitgewerkt.